Maatregelen betreffende de exitstrategie

Gepubliceerd op 28/04/2020 - Update op 19/05/2020

Sinds 4 mei zijn de eerste versoepelde maatregelen afgekondigd met betrekking tot de exitstrategie die België uit de corona-crisis moet leiden. Ook voor psychologen en hun werksituatie hebben deze maatregelen een impact.

Voor psychologen bestaat nog onduidelijkheid, gelet op het feit dat:
  • De voorgestelde exitstrategie een voorwaardelijk karakter heeft, in die zin dat de maatregelen enkel uitwerking zullen krijgen op de voorgestelde data voor zover geoordeeld werd dat de strijd tegen de verdere verspreiding van Covid-19 voldoende onder controle is. Hiervoor werd een monitoringsysteem opgericht die zal rekening houden met een heel aantal factoren, zoals het aantal ziekenhuisopnames, de verzadiging van de diensten van de intensieve zorg, en dergelijke meer. In elk geval zal ten laatste één week voor de vooropgestelde datum worden bevestigd of de voorgedragen maatregelen effectief uitwerking zullen vinden. U kan daarvoor de volgende website raadplegen:  https://www.info-coronavirus.be/nl/. Dit moet toelaten om u te kunnen voorbereiden op de eventuele wijzigingen die zullen worden doorgevoerd.
Van zodra er meer informatie bestaat, zullen wij u hierover informeren. We blijven in elk geval proactief te werk gaan en nemen initiatieven om een duidelijkere positionering te verkrijgen voor ons beroep.

Evenwel kunnen wij u reeds het volgende meegeven:
  • Voor psychologen in functies die als contactberoepen worden beschouwd (update op 19/05):

Contactberoepen zijn beroepen waar direct contact nodig is om adequaat te kunnen worden uitgeoefend, zonder dat daarbij anderhalve meter bewaard kan worden tussen de mensen. De personen die onder deze categorie vallen, kunnen sinds 18 mei opnieuw het werk hervatten, weliswaar met de nodige veiligheidsmaatregelen, zoals onder andere het dragen van een mondmasker en het voorzien van desinfecterende handgel. Onder deze contactberoepen vallen ook psychologen die een bepaalde functie uitoefenen waar dergelijk contact noodzakelijk is. Bijgevolg kunnen ook zij weer aan de slag. Dit betreft bijvoorbeeld neuropsychologen die een EEG willen uitvoeren.

  • Voor psychologen actief in de klinische sector:

De Nationale Veiligheidsraad heeft 4 mei 2020 vooropgesteld als doel om iedereen zo snel mogelijk weer op een “normale” manier toegang te verlenen tot de gezondheidszorg. 


Wat de Geestelijke Gezondheidszorg betreft heeft de Federale Raad Geestelijke Gezondheidszorgberoepen een voorstel gedaan voor het hernemen van de zorgactiviteiten. Dit voorstel is gebaseerd op verschillende categorieën van zorgnood.

De 4 categorieën bepaald door de raad zijn de volgende:

Dringende zorg: zorg voor een onmiddellijke, acute, orgaan- of lidmaat bedreigende problematiek op korte termijn. Dit betreft zeer ernstige situaties waarin het niet aanbieden van face to face hulpverlening een onomkeerbare en/of onaanvaardbare degradatie van de gezondheidstoestand tot gevolg kan hebben.

  • Suïcidepogingen;
  • Verlies van controle over het emotioneel, cognitief, gedragsmatig en relationeel functioneren en een toestand decompensatie;
  • Toebrengen van schade aan anderen;
  • Ernstige gedrags- of relatieproblemen met psychisch en/of fysiek geweld (t.o.v. zichzelf, kinderen, partners, ouderen);
  • Verlies van contact met de werkelijkheid/psychotische episodes, fysieke en mentale agitatie-toestanden

In deze categorie moet de noodzaak van het installeren van beveiligende maatregelen via hospitalisatie, vrijwillig of onder juridische dwang, geëvalueerd worden en moet er indien nodig tot deze maatregelen overgegaan worden. Er moet contact en een intense samenwerking zijn met de spoeddiensten voor het regelen van opname of residentiële hulp.

Noodzakelijke zorg: noodzakelijke zorg voor een problematiek die een orgaan of het leven van de patiënt bedreigen op de middellange of lange termijn. Ernstige situaties waarin de zorgverlener inschat dat er bij het niet aanbieden van face tot face GGZ een ernstig risico is op onomkeerbare en/of onaanvaardbare degradatie van de gezondheidstoestand.

  • (Ernstige) toename van middelengebruik;
  • De emotionele problemen verstoren het dagelijks functioneren van de persoon in diverse domeinen van het leven en de persoon heeft het gevoel de controle erop te verliezen. Er kan risico zijn op decompensatie;
  • Ernstige gedrags- en relatieproblemen met vermoeden van psychische en/of fysiek geweld (t.o.v. zichzelf, kinderen, partners, ouderen)
  • Suïcidale ideatie met concrete plannen;
  • Signalen van verlies van contact met de werkelijkheid;
  • Ernstigere emotionele klachten die ten gevolge van de coronacrisis ontstaan of toegenomen zijn (stress en spanning, depressieve stemming, angst en paniek, onvoldoende verklaarde lichamelijke symptomen);
  • Sporadische suïcidale ideatie zonder concrete plannen;
  • Sporadische ideatie zonder concrete plannen omtrent het toebrengen van schade aan anderen;
  • Ernstigere gedrags- en relatieproblemen die t.g.v. de coronamaatregelen ontstaan of toegenomen zijn die kunnen leiden tot psychische en/of fysiek geweld (t.o.v. zichzelf, kinderen, partners, ouderen);
  • Geen signalen van verlies van contact met de werkelijkheid.
  • In deze categorie moet men een telefonische of online consultatie houden om de problematiek te verkennen. Wanneer men het gevoel krijgt dat dit een noodzakelijke zorg betreft, dient men een face to face intake te organiseren met inachtname van de veiligheidsmaatregelen. Ook combinatie van face to face en tele-consultaties kan in deze categorie nuttig zijn.

Zorg voor patiënten met risico op verergering: zorg die indien ze niet gegeven wordt, ernstige gevolgen kan hebben op de levenskwaliteit van de patiënt (blijvende schade, functionele limitatie,…). Dringende zorgnoden, situaties waarin de zorgverlener inschat dat de problematiek zou kunnen evolueren naar onomkeerbare en/of onaanvaardbare degradatie van de gezondheidstoestand.

  • Toename van middelengebruik;
  • Ernstigere gedrags- en relatieproblemen die ten gevolge van de coronamaatregelen ontstaan of toegenomen zijn en die kunnen leiden tot psychische en/of fysiek geweld (t.o.v. zichzelf, kinderen, partners, ouderen);
  • Sporadische suïcidale ideatie zonder concrete plannen omtrent het toebrengen van schade aan anderen;
  • Ernstigere emotionele klachten die ten gevolge van de corona-crisis ontstaan of toegenomen zijn (stress en spanning, depressieve stemming, angst en paniek, onvoldoende verklaarde lichamelijke symptomen);
  • Geen signalen van verlies van contact met de werkelijkheid.

Hier is het aangewezen om de behandeling en assessment online en/of telefonisch verder te zetten en op regelmatige basis op afstand beschikbaar te blijven voor hulpvragen. Ook moet men hier de evolutie en de nood aan face to face contact blijven opvolgen.

Wel face to face contact:

• patiënten die om persoonlijke of technische redenen niet online bereikbaar zijn of niet online wensen geholpen te worden.

• patiënten bij wie de behandeling op afstand voor de patiënt significant minder effectief is.

Uitgestelde zorg: zorg die kan uitgesteld worden naar een later stadium. Electieve zorgen (curatieve zorgen die gepland kunnen worden) en situaties waarin de zorgverlener geen risico ziet op onomkeerbare en/of onaanvaardbare degradatie van de gezondheidstoestand.

  • Matige emotionele klachten die t.g.v. de coronacrisis ontstaan of toegenomen zijn (gevoelens van isolement en eenzaamheid, stress en spanning, depressieve stemming, angst en paniek, onvoldoende verklaarde lichamelijke symptomen);
  • Beginnende gedrags- en relatieproblemen die t.g.v. van de coronamaatregelen ontstaan of toegenomen zijn;
  • Bezorgdheden omtrent neiging tot toename van middelengebruik (drugs, alcohol, medicatie);
  • Geen suïcidale ideatie noch ideatie over toebrengen van schade aan anderen;
  • Geen signalen van verlies van contact met de werkelijkheid.

De specifieke aard van GGZ-behandelingen die geen fysiek contact vereisen en de mogelijkheden tot behandeling op afstand maakt dat er ook voor de patiënten in deze groep met deze zorgnoden in principe meer mogelijkheden open blijven om hun behandeling aan te vatten of verder te zetten via zorgen op afstand (cf. advies FRGGZB). Bij voldoende capaciteit en mits inachtneming van de randvoorwaarden (cf. advies FRGGZB m.b.t. GGZ op afstand) dienen er in vergelijking met andere zorgverstrekkingen die fysiek contact vereisen minder GGZ zorgen uitgesteld te worden.

Deze tabel is bedoeld om gebruikt te worden als algemeen referentiekader voor psychologen die werken met patiënten met een bepaalde zorgnood. Hieronder vallen dus ook neuropsychologen. Het is van belang dat elke hulpverlener de zorgnood per patiënt (her)bekijkt met oog op dit referentiekader.

Aangezien er voor veel specifieke groepen hulpverleners geen maatregelen bestaan, dienen de algemene maatregelen dan ook geïnterpreteerd te worden naar uw specifieke werksituatie. De volledige tabel met een overzicht van alle categorieën kan u hier vinden.

Verder spreekt het voor zich dat alle veiligheidsmaatregelen zoals beschreven in vorige richtlijnen blijven gelden in alle omstandigheden.

  • Voor psychologen actief in de arbeids- en organisatiesector:
De Nationale Veiligheidsraad heeft 4 mei 2020 vooropgesteld als doel om de industrie en B2B-activiteiten te hervatten. Aangegeven werd dat telewerk nog enige tijd de norm zal blijven. Als uw functie u dus toelaat om thuis te werken, zal u dit moeten blijven doen. Indien thuiswerk evenwel niet mogelijk is, zal u toegelaten zijn om uw werk te hervatten, ook als het niet mogelijk is om op de werkvloer anderhalve meter afstand te bewaren. In het desbetreffende geval zal uw werkgever daarbij wel verplicht zijn om hygiënemaatregelen te nemen, zoals bijvoorbeeld het ter beschikking stellen van handschoenen, mondmaskers en handhygiënegels.

  • Voor psychologen actief in de sector van schoolpsychologie : (update op 19/05)

Afname van intelligentietesten op afstand wordt afgeraden door de Vlaamse Vereniging voor Schoolpsychologie Allereerst wensen wij hen te danken voor het delen van hun standpunt en doordachte visie. Vanuit de Vlaamse academische hoek verneemt men dat het traject en voorstel van “tele-diagnostiek”, in het bijzonder met de WISC-V, nog embryonaal is en slechts in heel uitzonderlijke gevallen, een optie mag zijn. Deze kritische houding en gezonde scepsis is vooral gebaseerd op een gebrek aan wetenschappelijk onderzoek en onvoldoende evidentie voor equivalentie, eerder ook al geformuleerd met betrekking tot de digitale afname met tablets waar de proefleider bij de geteste zit.

Het aantal mogelijke extra storende elementen tijdens een virtuele afname is enorm, niet te controleren en manifest negatief voor standaardisatie. Het risico op een onbetrouwbare meting is dus te groot. Bijgevolg wordt aangeraden om indien mogelijk, enkele maanden af te wachten tot een klassieke afname mogelijk zou zijn. Indien een intelligentietest toch dringend en belangrijk wordt geacht, kan een klassieke afname evenwel plaatsvinden, mits het nemen van de nodige voorzorgen voor het vermijden van besmetting, zoals die reeds in talrijke adviezen zijn geformuleerd. Ingeval er toch een tele-afname heeft plaatsgevonden, moeten de aanbevelingen die Pearson zelf aanbrengt strikt worden opgevolgd. Zelfs met strikte inachtname van deze aanbevelingen, moeten de bekomen resultaten uiterst voorzichtig worden behandeld. Het is belangrijk om volledig transparant te zijn omtrent de twijfels in verband met betrouwbaarheid- of validiteits-issues. Het is een minimale vereiste om dit expliciet te melden in elke verslaggeving. Voor het volledige (Nederlandstalige) artikel: klik hier.

_____

Vanaf 18 mei kunnen basis- en secundaire scholen weer opstarten voor enkele prioritaire groepen van leerlingen, die dan gedeeltelijk op school les krijgen. De richtlijn voor schoolpsychologen is dat gezonde personeelsleden aan het werk blijven. Over de invulling van het takenpakket (op school of thuis) maakt de school afspraken in het lokaal overlegcomité. Als je in verschillende scholen tewerkgesteld bent, beperk je jezelf tot werken in één school. De school gaat daarover met de directies van de andere scholen in overleg. Hetzelfde geldt voor ondersteuningsnetwerken. Als je jezelf zorgen maakt omdat je behoort tot een risicogroep, kun je een beroep doen op code D046 (heirkracht). Je meldt dat aan de werkgever. Die kan een attest vragen van een arts ter bevestiging vóór de gevraagde code toe te kennen. Je kunt in dat geval van thuis uit werken. Voor de volledige informatie hierover: klik hier.

De centra voor leerlingenbegeleiding (CLB’s) blijven open. CLB’s blijven dus bereikbaar via telefoon, e-mail of CLBch@t voor leerlingen, ouders en scholen. Het CLB-personeel blijft aan de slag. CLB-medewerkers mogen nog aanwezig zijn in de centra. Het is niet langer noodzakelijk dat centra voorzien in fysieke permanentie door CLB-medewerkers als CLB-medewerkers op een andere manier bereikbaar zijn, bijvoorbeeld door de telefoon door te schakelen en als er duidelijk geafficheerd wordt op welke manier mensen contact kunnen blijven opnemen.

Gesprekken met leerlingen en ouders blijven mogelijk: telefonisch, via Skype of andere alternatieven. Het CLB beslist zelf of face-to-face contacten in het CLB kunnen doorgaan. Dit als het niet anders kan, én als de leerling en de ouders niet ziek zijn en rekening houdend met de bestaande richtlijnen rond hygiëne, afstand, ventilatie, etc., vastgelegd door gezondheidsexperts van de federale overheid. Dit geldt ook voor huisbezoeken.  Voor de volledige informatie hierover: klik hier

  • Voor psychologen actief in de sector van het onderzoek:
De heropstart vanaf 18 mei 2020 van het fysieke onderwijs geldt enkel voor het lagere en secundaire onderwijs. De universiteiten blijven afstandsonderwijs organiseren. Voor psychologen actief in de sector van het onderzoek blijft telewerk dan ook de norm.

Voor alle psychologen, net zoals voor alle burgers, blijft intussen gelden – en dit zal ook gedurende de volledige exit het geval zijn – dat:
  • Fysiek contact met mensen zoveel als mogelijk moet worden beperkt;
  • Een veilige afstand van anderhalve meter moet worden bewaard;
  • Goede hygiënische reflexen belangrijk zijn.

________________________________________

De vorige aanbevelingen zijn nog steeds van toepassing

Beperk verdere verspreiding van het risico: het grootste risico is op dit moment crossgenerationele contaminatie (verschillende leeftijden op één plek). Eén van de risicoplekken voor deze contaminatie is de wachtkamer. Indien begeleidingen toch gecontinueerd moeten worden:
      • Zorg voor goede hygiëne in de wachtkamer en tijdens je consultaties:
        • Nodig mensen uit om hun handen te wassen en te ontsmetten;
        • Vermijd fysiek contact (minimum 1 meter afstand houden, elkaar op afstand begroeten);
        • Moedig mensen aan om niet met cash geld te betalen. Indien u gebruik zou maken van een betaalterminal, desinfecteer deze dan systematisch.
      • Vermijd de aanwezigheid van kwetsbare groepen (ouderen, verzwakte mensen). Je kan bijvoorbeeld aan mensen vragen om te wachten in de auto in plaats van in de wachtkamer.
      • Mensen die ziek zijn: maak gebruik van online en tele-interventies. Ontvang deze mensen zeker niet in je consultatieruimte.

      Op de website van Sciensano kan je verdere tips vinden.


       
      Deel deze pagina