Focus: wat zijn de verschillen tussen de inschrijving, het visum en de erkenning en hoe verhouden ze zich tot elkaar?

Terug naar pagina Visum - erkenning - inschrijving

Elke psycholoog die de titel of een samengestelde titel van psycholoog wenst te dragen, moet ingeschreven zijn bij de Psychologencommissie.[1]

Sinds 1 september 2016 worden klinisch psychologen – na hun opname in de gecoördineerde wet van 10 mei 2015 betreffende de uitoefening van de gezondheidszorgberoepen – beschouwd als beoefenaars van een gezondheidszorgberoep.

Dit heeft er toe geleid dat klinisch psychologen bovenop een wettelijk verplichte inschrijving bij de Psychologencommissie ook moeten voldoen aan de wettelijke vereisten als beoefenaar van een gezondheidszorgberoep, met name de vereisten van (i) het visum en (ii) de erkenning. De gecoördineerde wet van 10 mei 2015 betreffende de uitoefening van de gezondheidszorgberoepen heeft immers geen wijzigingen aangebracht aan de wet van 8 november 1993 tot bescherming van de titel van psycholoog, waardoor beide wettelijke regimes naast elkaar blijven bestaan en moeten worden nageleefd.

Toelating om de titel van klinisch psycholoog te mogen dragen en het beroep van klinisch psycholoog te mogen uitoefenen

Inschrijving bij de Psychologencommissie

Visum bij de FOD Volksgezondheid

Erkenning bij het Agentschap Zorg en Gezondheid

Sinds mei 2019 is het mogelijk om bij de FOD Volksgezondheid een visum aan te vragen. Sinds halverwege februari 2020 worden de eerste erkenningen door het Agentschap Zorg en Gezondheid automatisch afgeleverd aan diegenen die reeds over een visum beschikken.

Gelet op deze belangrijke veranderingen gaan wij in deze bijdrage dieper in op de inschrijving, het visum en de erkenning.

Inschrijving

Elke psycholoog – met inbegrip van de klinisch psycholoog – die de titel of een samengestelde titel van psycholoog wenst te dragen, moet ingeschreven zijn bij de Psychologencommissie.[2]

Via de inschrijving is de psycholoog gehouden tot naleving van de deontologische code.[3]De tuchtinstanties van de Psychologencommissie zijn bevoegd om uitspraak te doen over eventuele inbreuken op deze deontologische code.[4]

Klik hier voor meer informatie en raadpleging van de deontologische code.

Klik hier voor meer informatie over de tuchtprocedure.

Ingeval een psycholoog bijvoorbeeld informatie heeft verstrekt aan de ex-partner van een patiënt binnen het kader van een (v)echtscheiding, kan deze patiënt een klacht indienen tegen deze psycholoog bij de tuchtinstanties omwille van een (vermeende) schending van het beroepsgeheim (art. 5 DC). De tuchtinstanties zullen zich dan moeten uitspreken over de vraag of de betrokken psycholoog in deze specifieke situatie wel degelijk het beroepsgeheim heeft geschonden. Indien dit het geval zou zijn, kunnen de tuchtinstanties een sanctie uitspreken.

Inschrijving bij de Psychologen-commissie

Op welke psychologen is dit van toepassing?

Wat houdt het in?

Wat is de wettelijke grondslag?

Alle psychologen, met inbegrip van de klinisch psychologen

  • Machtiging om de titel van psycholoog of een samengestelde titel waarin ‘psycholoog’ voorkomt te gebruiken
  • Machtiging om het beroep van psycholoog uit te oefenen
  • Tuchtinstanties en deontologische code

Wet 8 november 1993 tot bescherming van de titel van psycholoog

Visum

De klinischpsycholoog moet als beoefenaar van een gezondheidszorgberoep beschikken over een visum, uitgereikt door de FOD Volksgezondheid, om de klinischepsychologie te mogen beoefenen.[5]Het visum vormt de toelating en een eerste stap om als psycholoog de klinischepsychologie te mogen beoefenen.

U moet voldoen aan één van de volgende voorwaarden om uw visum te verkrijgen als klinisch psycholoog:

  • U heeft een universitair diploma in de klinische psychologie behaald, waarbij de opleiding in het voltijds onderwijs minstens vijf jaar omvat of 300 ECTS telt.
  • U bent in het bezit van een universitair diploma in de psychologie, maar niet de klinische psychologie, uitgereikt voor 1 september 2016, en u heeft een beroepservaring van minstens drie jaar in de klinische psychologie.

Klik hier voor een doorverwijzing naar de website van de FOD Volksgezondheid, waar u nog meer informatie kan vinden, onder meer over de te volgen procedure.

Bij onduidelijkheid kan u bijkomende vragen richten aan: ggzb-pssm@gezondheid.belgie.be

Dat u over een visum beschikt, brengt met zich mee dat u onder het toezicht valt van de Provinciale Geneeskundige Commissies.[6]

De Provinciale Geneeskundige Commissies beschikken over de mogelijkheid om het visum in te trekken of het behoud ervan te verbinden aan bepaalde voorwaarden in twee gevallen.

  • Het eerste geval heeft betrekking op de situatie waarin de betrokken psycholoog fysisch of psychisch niet meer in staat is om zijn beroep uit te oefenen zonder risico’s of potentieel zware gevolgen voor de patiënt en/of de volksgezondheid.[7]Een voorbeeld hiervan is de klinisch psycholoog die kampt met een alcohol- of drugverslaving.
  • Het tweede geval betreft de situatie waarin uit een uittreksel van het Strafregister van de betrokken klinisch psycholoog blijkt dat zijn of haar gerechtelijk verleden niet strookt met de uitoefening van het psychologenberoep of met een deel ervan en waarbij de feiten waarvoor men veroordeeld is, voldoende relevant worden geacht voor de beroepsuitoefening.[8]Ingeval een klinisch psycholoog die met kinderen werkt bijvoorbeeld veroordeeld werd voor kindermisbruik, kan de Provinciale Geneeskundige Commissie het visum van deze psycholoog intrekken of het behoud ervan aan bepaalde voorwaarden verbinden.

Klik hier voor meer informatie over het onderscheid en de complementariteit van de tuchtinstanties van de Psychologencommissie ten opzichte van de Provinciale Geneeskundige Commissies

Visum bij de FOD Volksgezondheid

Op welke psychologen is dit van toepassing?

Wat houdt het in?

Wat is de wettelijke grondslag?

Psychologen die de klinische psychologie beoefenen

  • Attestering van de geldigheid van uw diploma
  • Provinciale Geneeskundige Commissies

Art. 25 en art. 118 e.v. Gecoördineerde wet van 10 mei 2015 betreffende de uitoefening van de gezondheidszorgberoepen

Erkenning

De klinisch psycholoog moet als uitoefenaar van een gezondheidszorgberoep beschikken over een erkenning, uitgereikt door het Agentschap Zorg en Gezondheid, om de klinische psychologie te mogen beoefenen.[9]Dat het Agentschap Zorg en Gezondheid bevoegd is voor de erkenning, valt te verklaren door de zesde staatshervorming, die deze bevoegdheid van het federale niveau heeft overgeheveld naar het niveau van de gemeenschappen.

De erkenning betreft een controle dat u over de juiste kwalificaties en competenties beschikt om als psycholoog de klinische psychologie te kunnen uitoefenen.

U moet aan één van de volgende voorwaarden voldoen opdat u de erkenning als klinisch psycholoog kan bekomen:[10]

  • U heeft een universitair diploma behaald in het domein van de klinische psychologie met een studie van minstens vijf jaar of 300 ECTS.
  • U heeft een universitair diploma behaald in de psychologie, maar niet de klinische psychologie, uitgereikt voor 1 september 2016, en u kan een beroepservaring in het domein van de klinische psychologie aantonen van minstens drie jaar.

Het gaat om dezelfde voorwaarden als deze voor het bekomen van het visum. Dit verklaart waarom diegenen die het visum reeds verkregen, ook automatisch hun erkenning ontvangen.

Diegenen voor wie geen overgangsmaatregel van toepassing is, moeten daarbovenop voldoen aan de verplichting van de professionele stage om de erkenning van klinisch psycholoog te kunnen verkrijgen.[11]Dit is het geval voor de studenten klinische psychologie die hun studies aanvatten vanaf het academiejaar 2017-2018. Concreet betekent dit dat de eerste studenten klinische psychologie die de professionele stage zullen moeten volgen om hun erkenning van klinisch psycholoog te bekomen, de studenten zullen zijn die afstuderen in het academiejaar 2021-2022.

Een overgangsmaatregel werd dus voorzien voor de klinisch psychologen die op 1 september 2016 de klinische psychologie reeds uitoefenden en voor de studenten klinische psychologie die op 1 september 2016 of uiterlijk tijdens het academiejaar 2016-2017 hun studies klinische psychologie hebben aangevat.[12]Deze personen moeten niet voldoen aan de verplichting van de professionele stage.

Klik hier voor een doorverwijzing naar de website van het Agentschap Zorg en Gezondheid, waar u nog meer informatie kan vinden.

Bij onduidelijkheid kan u bijkomende vragen richten aan: ggzb-pssm@gezondheid.belgie.be

Erkenning bij het Agentschap Zorg en Gezondheid

Professionele stage

Op welke psychologen is dit van toepassing?

Wat houdt het in?

Wat is de wettelijke grondslag?

Psychologen die de klinische psychologie beoefenen

Studenten klinische psychologie die hun studies aanvatten vanaf het academiejaar 2017-2018

Controle dat u over de juiste kwalificaties en competenties beschikt

Art. 68/1 Gecoördineerde wet van 10 mei 2015 betreffende de gezondheidszorgberoepen

KB van 26 april 2019 tot vaststelling van de criteria voor de erkenning van klinisch psychologen, alsmede van stagemeesters en stagediensten

Klik hier voor meer informatie over de professionele stage

Terug naar pagina Visum - erkenning - inschrijving

Referenties

[1] Art. 1, 2° Wet 8 november 1993 tot bescherming van de titel van psycholoog.

[2] Art. 1, 2° Wet 8 november 1993 tot bescherming van de titel van psycholoog.

[3] KB van 2 april 2014 tot vaststelling van de voorschriften inzake de plichtenleer van de psycholoog, gewijzigd door het KB van 4 juni 2018 tot wijziging van het koninklijk besluit van 2 april 2014 tot vaststelling van de voorschriften inzake de plichtenleer van de psycholoog.

[4] Art. 8/1 e.v. Wet 8 november 1993 tot bescherming van de titel van psycholoog.

[5] Art. 25, §1, 1° Gecoördineerde wet van 10 mei 2015 betreffende de uitoefening van de gezondheidszorgberoepen.

[6] art. 118-119 Gecoördineerde wet van 10 mei 2015 betreffende de uitoefening van de gezondheidszorgberoepen; Koninklijk besluit van 7 oktober 1976 betreffende de organisatie en de werkwijze van de geneeskundige commissies.

[7] Art. 119, §1, 2°, b) en i) Gecoördineerde wet van 10 mei 2015 betreffende de uitoefening van de gezondheidszorgberoepen.

[8] Art. 119, §1, 2°, h) Gecoördineerde wet van 10 mei 2015 betreffende de uitoefening van de gezondheidszorgberoepen.

[9] Art. 68/1, §1, eerste lid Gecoördineerde wet van 10 mei 2015 betreffende de uitoefening van de gezondheidszorgberoepen; Koninklijk besluit van 26 april 2019 tot vaststelling van de criteria voor de erkenning van klinisch psychologen, alsmede van stagemeesters en stagediensten.

[10] Art. 68/1, §2, tweede lid Gecoördineerde wet van 10 mei 2015 betreffende de uitoefening van de gezondheidszorgberoepen.

[11] Art. 68/1, §4, eerste lid Gecoördineerde wet van 10 mei 2015 betreffende de uitoefening van de gezondheidszorgberoepen.

[12] Art. 68/1, §4, tweede en derde lid Gecoördineerde wet van 10 mei 2015 betreffende de uitoefening van de gezondheidszorgberoepen.

Terug naar pagina Visum - erkenning - inschrijving


 
Deel deze pagina