Publiciteit door psychologen

Deze webpagina werd voor het laatst geüpdatet op 10/07/2020.

Mag u reclame maken voor uw praktijk? Zo ja, moet u daarbij bepaalde regels in acht nemen? Mag u patiënten/cliënten actief aantrekken?

Dit zijn ongetwijfeld vragen die u uzelf reeds heeft gesteld. In onderstaande tekst lichten wij voor u de relevante wettelijke bepalingen toe waaraan u zich als psycholoog dient te houden.

Welke wettelijke bepalingen dient u na te leven?

Artikel 39 van de deontologische code bevat de regels omtrent publiciteit die door allepsychologen moeten worden nageleefd en luidt als volgt: “De psycholoog mag zijn diensten bekendmaken op voorwaarde dat hij ze objectief en op waardige wijze voorstelt zonder de reputatie van zijn vakgenoten te schenden. Hij onthoudt zich van elke colportage. Hij heeft de plicht, indien hij zijn titels en kwalificaties, zijn opleiding, zijn ervaring, zijn competentie, evenals zijn aansluiten bij een beroepsgroepering vermeldt, dit op een correcte wijze te doen.

Daarnaast bevat artikel 64 van de wet van 30 oktober 2018 houdende diverse bepalingen inzake gezondheid, die enkel van toepassing is op klinisch psychologen, het volgende: “De beroepsbeoefenaar bedoeld in de wet betreffende de uitoefening van de gezondheidszorgberoepen [in dit geval de klinisch psycholoog], gecoördineerd op 10 mei 2015 en de beoefenaar van een niet-conventionele praktijk bedoeld in de wet van 29 april 1999 betreffende de niet-conventionele praktijken inzake de geneeskunde, de artsenarijbereidkunde, de kinesitherapie, de verpleegkunde en de paramedische beroepen, mag zijn praktijkvoering aan het publiek enkel kenbaar maken onder volgende voorwaarden: 1° de praktijkinformatie moet waarheidsgetrouw, objectief, relevant en verifieerbaar zijn en ze moet wetenschappelijk onderbouwd zijn; 2° de praktijkinformatie mag niet aanzetten tot overbodige onderzoeken of behandelingen noch mag ze ronseling van patiënten tot doel hebben. De praktijkinformatie vermeldt de bijzondere beroepstitel(s) waarover de gezondheidszorgbeoefenaar beschikt. Deze bepaling sluit niet uit dat de gezondheidszorgbeoefenaar ook kan informeren over bepaalde opleidingen waarover geen bijzondere beroepstitel bestaat.

Welke implicaties hebben deze wettelijke bepalingen?

Uit een lezing van artikel 39 van de deontologische code enerzijds en een samenlezing van artikel 39 van de deontologische code en artikel 64 van de wet van 30 oktober 2018 houdende diverse bepalingen inzake de gezondheid anderzijds, vloeit voort dat voor alle psychologen colportage/ronseling en publiciteit van elkaar moeten worden onderscheiden.

  • Colportage/ronseling betekent het actief zoeken naar potentiële cliënten/patiënten om hen tijdens een persoonlijk contact diensten aan te bieden. Deze vorm van publiciteit is formeel verboden. Dit is overigens het geval voor alle gereglementeerde vrije beroepen.
  • Publiciteit, daarentegen, staat gelijk aan alle publieke mededelingen die tot doel hebben zichzelf of de kwaliteit van de beroepspraktijk bekend te maken. Dit is wel toegelaten. De klinischpsychologen moeten in zoverre de praktijkinformatie de kwaliteit van de beroepspraktijk betreft, wel bijkomend voldoen aan de voorwaarde dat deze wetenschappelijk onderbouwd moet zijn.

Uiteraard moeten alle psychologen, als beoefenaars van een gereglementeerd beroep, ook de andere regels van hun beroep respecteren. Meer bepaald moeten allepsychologen ingeval ze gebruik maken van publiciteit onder meer de waardigheid en integriteit van het psychologenberoep respecteren, hun onafhankelijkheid bewaren en het beroepsgeheim beschermen. Hiermee samenhangend dienen allepsychologen hun publiciteit te beperken tot waarheidsgetrouwe, objectieve, verifieerbare, relevante en discrete informatie, wat grotendeels ook letterlijk in de wet (van 30 oktober 2018 houdende diverse bepalingen inzake gezondheid) staat ingeschreven voor de klinisch psychologen.

De volgende persoonlijke reclame is te allen tijde verboden voor alle psychologen: advertenties met vergelijkende referenties die het toelaten om cliënten/patiënten van psychologen te identificeren of die naar financiële voorwaarden verwijzen. Psychologen dienen bovendien te vermijden dat derden over hun activiteit reclame maken die indruist tegen de deontologische code.

De hierboven beschreven regels inzake publiciteit gelden voor alle vormen van informatieverstrekking, met inbegrip van nieuwe communicatiemedia, zoals internet en Facebook.


 
Deel deze pagina