U werkt als psycholoog en u wilt een bijkomende professionele activiteit starten

U werkt deeltijds in loondienst binnen een algemeen ziekenhuis en deeltijds als zelfstandige in een multidisciplinaire groepspraktijk. Hoewel u uw zelfstandige praktijk wilt voortzetten, wenst u te stoppen met uw activiteiten in het ziekenhuis om een webshop op te starten voor de verkoop van kwaliteitswijnen.

U werkt als kinder- en jongerenpsycholoog op zelfstandige basis. U wil starten met de ontwikkeling van educatief spelmateriaal.

1. Mag u een tweede professionele activiteit opstarten?

Er bestaat geen verbod op het combineren van een psychologische activiteit met een tweede professionele activiteit, ook niet als deze een commercieel karakter heeft.

Het valt wel onder uw verantwoordelijkheid om na te gaan of de combinatie van activiteiten die u voor ogen heeft in overeenstemming is met uw deontologische plichten. De belangrijkste deontologische bepalingen waarmee u dient te rekening te houden, sommen we op onder punt 3.

2. Moet u toestemming vragen aan de Psychologencommissie voor de opstart van een tweede activiteit?

Neen. Naast uw inschrijving op onze lijst om de titel van psycholoog te mogen dragen, bestaat er geen enkele omstandigheid waaronder u aan ons toestemming of goedkeuring moet vragen. Deze beoordeling valt niet onder onze bevoegdheid. Hoewel boekhouders hiervoor regelmatig naar ons doorverwijzen, moeten wij u dus geen ‘groen licht’ geven om een bijkomende professionele activiteit aan te vatten.

Het is uiteraard wel belangrijk dat uw activiteiten als psycholoog in overeenstemming zijn met uw deontologische plichten. De belangrijkste sommen we op onder punt 3.

3. Welke deontologische plichten zijn belangrijk om in overweging te nemen wanneer u een tweede activiteit wil starten?

Wanneer u een tweede professionele activiteit wenst op te starten, is het belangrijk dat u de volgende deontologische bepalingen in het achterhoofd houdt*:

  1. Uw verschillende activiteiten houden geen aantasting in van de waardigheid en de integriteit van het beroep van psycholoog (art. 2). Dit principe is eens zo belangrijk indien uw tweede activiteit zich situeert binnen of verwant is met het domein van de psychologie (vb. coach, preventieadviseur).
  2. De combinatie van activiteiten houdt geen negatieve gevolgen in voor de continuïteit van uw dienstverlening van uw activiteiten als psycholoog (art. 29).
  3. U maakt geen oneigenlijk of winst beogend gebruik van uw psychologische kennis (art. 35).
  4. U maakt uw diensten als psycholoog bekend op een objectieve, eerlijke en waardige manier, zonder de reputatie van uw vakgenoten te schenden. U onthoudt zich daarbij van elke colportage en u geeft correcte informatie over uw titels, kwalificaties, opleiding, ervaring, competenties en aansluiting bij een beroepsvereniging (art. 39).
  5. U onderhoudt enkel professionele betrekkingen met cliënten die u ontmoet in het kader van uw werk als psycholoog (art. 43).
  6. Bij het uitoefenen van verschillende activiteiten als psycholoog ziet u erop toe dat de cliënt op de hoogte is van uw verschillende soorten activiteiten (art. 45).
  7. Vanaf het begin van een activiteit als psycholoog brengt u de cliënt duidelijk op de hoogte binnen welk kader u hem ontmoet (art. 21 § 3 en 45).
  8. U beperkt zich steeds tot één enkele psychologische activiteit per persoon (art. 45). Indien uw tweede activiteit het voeren van gerechtelijke expertises betreft, weigert u elke expertise of andere officiële opdracht betreffende cliënten die u heeft ontmoet in het kader van andere professionele relaties, ongeacht of deze al dan niet beëindigd zijn (art. 17).
  9. U beoefent uw beroep als psycholoog uit binnen de grenzen van uw competenties en doet geen onderzoeken waarvoor u geen specifieke kwalificatie heeft (art. 32).
  10. Voor uw activiteit als psycholoog, waakt u ervoor dat deze kadert binnen de theorieën en methodes die erkend worden door de wetenschappelijke gemeenschap der psychologen. U houdt daarbij rekening met de kritieken op en de evolutie van deze theorieën en methodes (art. 32).

Wees ervan bewust van dat andere wettelijke plichten in bepaalde sectoren van toepassing kunnen zijn (vb. de wet van 2 augustus 2002 betreffende de rechten van de patiënt, consumentenrechten, …).

* Als autonome beroepsbeoefenaar bent u persoonlijk verantwoordelijk voor de keuze, de toepassing en de gevolgen van de methodes en de technieken die u toepast (art. 25). In het kader van een tuchtprocedure heeft de tuchtraad de bevoegdheid om te beoordelen of deze bepalingen werden gerespecteerd bij een combinatie van professionele activiteiten.


 
Deel deze pagina